CEAP

CEAP is de internationale classificatie voor aderafwijkingen als gevolg van chronische veneuze insufficiëntie aan de onderbenen.
De letters van de Engelstalige afkorting CEAP staan voor:

  •   Clinical
  •   Etiologic
  •   Anatomic
  •   Pathophysiologic

In het Nederlands staat dit voor:

C: Klinisch beeld
E: Etiologie
A: Anatomie
P: Pathofysiologie

De CEAP status wordt vastgesteld met behulp van echo-duplex onderzoek van de benen.

C: Klinisch beeld
Class 0 (C0): Geen zichtbare of palpabele veneuze afwijkingen
Class 1 (C1): Besenreiser of reticulaire venen
Class 2 (C2): Spataderen overig (middelgroot, groot, zijtak, stam)
Class 3 (C3): Oedeem zonder verdere huidveranderingen
Class 4 (C4): Tekenen van veneuze insufficiëntie (hyperpigmentatie, keratose, eczeem)
Class 5 (C5): Tekenen van veneuze insufficiëntie plus litteken van genezen open been
Class 6 (C6): Tekenen van veneuze insufficiëntie, en een zweer ten tijde van het onderzoek

E: Etiologische Classificatie
Congenitaal (EC): (Aanleg voor) veneuze insufficiënte vanaf de geboorte
Primair (EP): Oorzaak veneuze insufficiëntie onbekend
Secundair (ES): Oorzaak veneuze insufficiëntie bekend (na trombose, trauma, zwangerschap, etc.)

A: Anatomische Localisatie

Oppervlakkige venen (AS1-5)

  1. Besenreiser / reticulaire venen
  2. Vena Saphena Magna – boven de knie
  3. Vena Saphena Magna – onder de knie
  4. Vena Saphena Parva
  5. Overige (grotere) venen

 

Diepe Venen (AD6-16)

  1. Vena cava inferior
  2. Vena iliaca communis
  3. Vena iliaca interna
  4. Vena iliaca externa
  5. Bekkenvenen
  6. Vena femoralis communis
  7. Vena femoralis profunda
  8. Vena femoralis (superficialis)
  9. Vena poplitea
  10. Vena tibialis (anterior, posterior, peroneus)
  11. Venae gastrocnemius, soleus, overige

 

VV perforantes (AP17-18)

  1. Dijbeen
  2. Onderbeen

P: Pathofysiologische Classificatie
(PR) Reflux
(PO) Obstructie
(PR,O) Reflux en obstructie

Top